In Tatvan één van onze beste avondmalen genoten. We hadden samen een schotel schapenlever en schapenvlees besteld. We kregen 2 overvolle borden vlees. Het was echt uitzonderlijk lekker klaargemaakt en gekruid. Daarna hebben we bij de plaatselijke kruidenier een plastic zakske gevonden. Bij terugkomst stonden er 3 Yamaha’s enduro met Turkse nummerplaat naast onze machines. Tijdens de nacht brengt trommelman en raketman ons nog maar eens uit onze concentratie.

Bij het ontbijt krijgen we het gezelschap van 3 duitsers welke bij ons aan tafel komen zitten. Zij zijn met de Yamaha’s en komen terug van Mount Ararat welke ze beklommen hebben. Eén van de duitsers spreekt perfect Frans en is in het verleden van Congo naar Kaapstad gereden met een BMW 100 GS. Ze geven nog wat tips ivm een hotel in dogubayazit en ons verblijf in Pakistan.

We vertrekken voor, wat later blijkt, een lange saaie rit en dit weer onder een verschroeiende zon. Het effect van die verzengende warmte laat je soms suffen op dien brommer. Op zeker ogenblik staat er in het midden van de baan een bord “DUR” (=STOP). We vertragen en zien tot onze stomme verbazing een man op een ladder in het midden van de weg staan. Chance dat we dat bord gemerkt hadden anders was die man op de ladder verleden tijd. Die man was notabene aan, we vermoeden, een flitscamera van de jandarma’s aan het werken.

Onze alternatieve route naar ERDURUM loopt aanvankelijk naast het Van meer en dan verder over saaie lange rechte wegen.

De landschappen hebben niet veel nieuws te bieden en we concentreren ons dan maar op de levenswijze van de mensen.

We zien weer massa’s van paardenvijgen gemaakte briketten. Ze worden aangemaakt met restafval van stro en dan gedroogd. Ze moeten dat hier doen want het valt op dat er hier geen bossen zijn.

De kwaliteit van de huizen is ook van zeer bedenkelijke kwaliteit. Het zijn eigenlijk meer sloppenwijken. Nochtans is iedereen hier schijnbaar content en gelukkig. Kinderen zijn zeer blij, ongedwongen en lijken met de kleinste gift ongelooflijk tevreden. We zien kinderen die een prinseskleedje hebben gekregen en het is aandoenlijk hoe tevreden ze hiermee naar hun tentenkamp spurten.

Bij een andere stop staan een 4-tal jonge meisjes. Ze zien er zeer speels en gelukkig uit en blijven steeds in onze omgeving rondhangen. We hadden wat Princekoekjes gekocht en er hiervan aan de meisjes gegeven. Deze koesterden de koeken maar hebben er niet van gegeten. Enkele minuten later moesten ze van grote broer de koeken teruggeven. We weten eigenlijk niet waarom (geloof, van vreemden gekregen???)

We merken ook waarom ze de vrachtwagen zo hoog stapelen. Zo hebben de passagiers een goede ruggensteun.

We merken ook dat hier nog veel handenarbeid wordt verricht. Ook paard en kar is uit het straatbeeld niet weg te denken, zelfs in de steden. We zien ook hoe de was gedroogd wordt. Neen, dit is geen sluikstort maar wel degelijk drogende was.

Uiteindelijk, na weer een vermoeiende rit, komen we in Erzurum, waar we een hotel uit onze Lonely Planet vinden. Hier moeten we nu onze banden zien te vinden.